‘HET VOELDE ALS HET BEGIN VAN IETS GROTERS’
“Als ik terugdenk aan mijn schaatscarrière, is er één moment dat er voor mij echt uitspringt: mijn eerste individuele medaille op een WK Afstanden. Het was 2008 in Nagano en ik behaalde een derde plek achter Sven Kramer en Enrico Fabris. Die bronzen medaille op de vijf kilometer voelt nog steeds als een doorbraakmoment voor mij. Ik stond eindelijk op het podium bij een grote, internationale wedstrijd. Ook was ik wereldkampioen geworden op de ploegenachtervolging met Sven Kramer en Erben Wennemars, maar die individuele medaille is me het meest bijgebleven.
Waarom dat moment zo speciaal voor me was? Het voelde als het begin van iets groters. Tot dat moment had ik geen volledig seizoen zonder blessures geschaatst. Ik kwam in die periode bij TVM, maar raakte vrijwel direct geblesseerd aan mijn rug, waardoor ik een seizoen miste. In het jaar van Nagano was ik eindelijk een jaar blessurevrij. Ik kon nu echt meedoen en mijn kracht laten zien. Die medaille voelde als de bevestiging dat ik op de goede weg was.
De race zelf was zwaar en ik had nooit verwacht dat ik het podium zou halen. Er waren sterke schaatsers zoals Carl Verheijen en Chad Hedrick, maar op een goede dag wist ik dat ik een kans had. Ik reed tegen Sven, en hij was in absolute topvorm. Ik herinner me nog dat ik in de eerste rondes in zijn slipstream kon blijven, wat me enorm hielp om mijn snelheid vast te houden. Het was een van de beste races die ik ooit heb gereden.
Wat ook bijzonder was aan dit WK, was dat het mijn eerste keer in Japan was. Samen met Sven beleefden we daar als rookies een hilarisch avontuur: onze telefoons werkten niet in Japan en we hebben uren door de stad gelopen om een telefoonwinkel te vinden die ons kon helpen. Uiteindelijk hebben we geen werkende telefoon kunnen vinden. Mijn broer, die een dag later aankwam, moest op het vliegveld voor ons telefoons kopen. Het klinkt nu bijna onvoorstelbaar, maar toen was dat een hele onderneming. We liepen door de stad, probeerden wakker te blijven om aan het tijdsverschil te wennen, en hadden de grootste lol.
De volgende dag was ik gefocust op de race. Ik wist precies wat ik moest rijden om het podium te halen, en toen ik over de finish kwam, wist ik meteen dat het me gelukt was. Het gevoel dat ik eindelijk een individuele medaille had op een groot toernooi, was onbeschrijfelijk. Ik herinner me nog dat we bij de prijsuitreiking zo’n lauwerkrans op ons hoofd kregen. Dat beeld staat me nog steeds helder voor ogen.
Naast die individuele race voelde de wereldtitel op de ploegenachtervolging als kers op de taart. Ik reed samen met Sven en Erben. We waren alle drie behoorlijk nerveus. Vanwege Svens uitzonderlijke vorm waren Erben en ik vooral bang dat we hem niet konden bijhouden. Uiteindelijk heeft Sven bijna de hele race op kop gereden. Het was geweldig om met zo’n team op het hoogste niveau te presteren. Er heerste veel vertrouwen in eenieder. We trainden elke dag samen en wisten precies wat we aan elkaar hadden. Dat vertrouwen zorgde ervoor dat we met minder communicatie konden rijden. Sven wist wanneer het niet hard genoeg ging. Hij durfde het ook te zeggen als iemand moest opschieten. Die eerlijkheid binnen het team zorgde ervoor dat we het maximale uit onszelf en elkaar haalden.
Na de races herinner ik me nog de ontspanning en het plezier tijdens het banket. Er zou een band optreden, maar die liet lang op zich wachten. Uiteindelijk klommen een paar schaatsers zelf op het podium en begonnen op de instrumenten te spelen, wat niet zo gewaardeerd werd. Het was een korte nacht, want de volgende ochtend moesten we vroeg naar Tokio voor onze vlucht naar huis. Ondanks de vermoeidheid was het een prachtige afsluiting van een geweldig toernooi.
Als ik nu terugkijk op die tijd, besef ik hoe bijzonder het was. We reisden de wereld rond, deden wat we het allerliefste deden: schaatsen. Soms vraag ik me af of ik er wel genoeg van heb genoten. Sven en ik hebben nog steeds goed contact. We liepen onlangs met Erben nog de marathon van Amsterdam. Hoewel het leven verder gaat, blijven die banden bestaan. Het WK in Nagano symboliseert voor mij niet alleen mijn doorbraak in de schaatssport, maar ook de hechte vriendschappen en de bijzondere ervaringen die ik aan deze periode heb overgehouden.”